Rennes is de hoofdstad van het Franse Bretagne. Wij verbleven er een kleine 24 uur, incl. een nachtje hotel. In dit blog vertellen we erover, met ook aandacht voor tips voor Rennes met kinderen.
Les Champ Libres
We begonnen ons stedentripje in Rennes met een plek die ook onze kinderen erg aansprak; Les Champs Libres. Dit moderne, multifunctionele gebouw heeft in de centrale hal een grote speelplek voor kinderen. Verder huisvest het gebouw een bibliotheek, een café en verschillende musea. Zo is er het Musée de Bretagne, over heden en verleden van de regio. Het museum is gratis toegankelijk en, voor het half uurtje dat we erdoorheen liepen, best interessant. Verder is er een wetenschapsmuseum dat o.a. bestaat uit een planetarium en twee interactieve tentoonstellingen. En er is Merlin’s Lab, waar we zelf een bezoekje aan brachten. In dit kleine museum kun je (gedurende een tijdslot van een uur) allemaal proefjes doen, zoals we die ook kennen van de wetenschapsmusea in Nederland. Weinig nieuws wat dat betreft, maar wel leuk.
Oude stad
Na het inchecken in ons hotel lopen we in tien minuten naar het hart van de oude stad van Rennes. Deze namiddag en avond en ook de volgende dag zullen we dit deel van de stad verkennen.
Echt grote bezienswaardigheden heeft Rennes-centrum niet. Wat ons vooral bijblijft zijn de vele eeuwenoude vakwerkhuizen, vaak bont gekleurd en schots en scheef staand. Van de kerken is de kathedraal het meest indrukwekkend, en dan vooral qua interieur.
Verder maakt het centrum een gezellige indruk, met veel terrassen, her en der een evenement en op verschillende plekken een carrousel. Onder de restaurants zijn veel crêperieën; in één ervan lunchen we de volgende dag. We eten er o.a. de culinaire specialiteit van de stad, de Galette Saucisse: een met worst gevulde crêpe.
Tip: bezoek je Rennes op zaterdagochtend, dan kun je er een van de grootste markten van Frankrijk bezoeken (op de Place des Lices).
Parc du Thabor
Onze tweede dag in Rennes begonnen we aan de rand van het centrum, in Parc du Thabor. Dit is een groot park met hoogteverschillen. Het heeft een vrij klassieke uitstraling met fonteinen, een rosarium, een kruidentuin en een botanische tuin. Her en der staat ook historische parkarchitectuur, waarvan een deel wordt gebruikt voor kunstexposities. Centraal in het park ligt een best grote speeltuin, waar we uiteraard een speelmoment inlasten.
Musée des beaux-arts de Rennes
De rest van de tijd in Rennes verkenden we meer van de stad. Een van de mooiste plekken die we daarbij aandeden was Palais Saint-Georges; een voormalige abdij, met mooie tuinen. Er vlakbij keken we nog rond bij twee interessante plekken: Lycée Émile Zola (waar in 1899 het tweede proces tegen Alfred Dreyfus plaatsvond) en Musée des beaux-arts de Rennes. In dat museum besteedden we nog een half uur tussen oude meesters en moderne kunst. Het is geen heel pakkend museum en een tikkie saai voor kinderen, maar de gratis entree maakt dit museumbezoek gelukkig heel laagdrempelig.
Musée des Transmissions
Ook al gratis entree is er bij het Musée des Transmissions, dat gaat over communicatie; van verleden tot heden. We kwamen er zelf niet aan toe om het te bezoeken. Maar dit hooggewaardeerde museum, aan de rand van Rennes, schijnt erg interactief te zijn en daardoor ook leuk voor een uitje met kinderen.
Behalve naar Rennes reisden we met onze kinderen naar meer plekken in Bretagne. Lees erover in deze blogs:
Deze webpagina bevat affiliate links. Meer over affiliate links lees je in onze disclaimer.